Wat is een milieueffectrapportage en waarom bestaat het?
Stel: je werkt al maanden aan een plan voor een nieuwe waterberging. De variant ligt er, de planning ook. Dan hoor je dat je nog door een m.e.r.-procedure heen moet. Nog meer papier, nog meer tijd. Marco Hansma, omgevingsmanager bij Delteau, herkent dat gevoel maar al te goed. Hij dook de m.e.r.-procedure grondig in, niet omdat hij al expert was, maar juist omdat het voor hem en zijn collega’s lang een grijs gebied bleef. “Je weet dat je het tegenkomt bij grotere projecten, maar hoe? Dus we dachten: de Omgevingswet is inmiddels drie jaar geleden ingegaan, waarmee ook de wetgeving rondom de m.e.r.-procedure veranderd is. Laten we dit nu gezamenlijk eens goed gaan uitpluizen.”
In dit artikel deelt Marco zijn eerste bevindingen. Hij begint bij het begin: want wat is nou eigenlijk het verschil tussen m.e.r. en MER, en waarom bestaat de m.e.r.-procedure überhaupt? Lees snel verder.
Wat is een milieueffectrapportage?
Laten we eerst de basis rechtzetten, want daar ontstaat vaak verwarring. Een milieueffectrapportage (MER) onderzoekt systematisch de milieugevolgen van een plan of project voordat een besluit wordt genomen.
Het MER is een stevig onderbouwd fundament dat de basis vormt voor een afgewogen beslissing, naast andere analyses zoals een Maatschappelijke Kosten-Batenanalyse (MKBA). Die beslissing ligt uiteindelijk bij het bevoegd gezag, dat ook andere belangen en voorwaarden meeweegt. Kortgezegd: voor projecten waar een zogeheten m.e.r.-plicht geldt, is het in kaart brengen van de milieugevolgen een harde eis. Wat er vervolgens mee gedaan wordt, is een bestuurlijke afweging.
M.e.r. vs. MER: het verschil
- M.e.r. (milieueffectrapportage): het proces van systematisch onderzoeken van milieugevolgen voordat een besluit wordt genomen. Daarbinnen bestaan er twee vormen:
- Project-m.e.r.: voor concrete projecten met grote milieugevolgen, gebaseerd op de MER-richtlijn.
- Plan-m.e.r.: voor kaderstellende plannen en programma’s, gebaseerd op de SMB-richtlijn.
- MER (Millieueffectrapport): het product dat uit dat proces komt, waarin alle effecten op water, bodem, lucht, natuur, gezondheid en landschap worden beschreven.
Het proces heet dus m.e.r., het rapport heet MER. Klein verschil, groot onderscheid.
Waarom bestaat het eigenlijk?
De geschiedenis van de m.e.r. reikt verder terug dan veel mensen denken, weet Marco. “De basis werd al in 1962 gelegd met Silent Spring, het boek dat de schadelijke effecten van pesticiden zichtbaar maakte. Daarna volgden de Europese richtlijn in 1985 en de Nederlandse invoering in 1987.” Door een opeenstapeling van incidenten rondom gezondheid en milieu zag m.e.r. het levenslicht. Met als kern: voordat een groot project groen licht krijgt, moet de impact op mens en omgeving aantoonbaar in kaart zijn gebracht.
Marco geeft een concreet voorbeeld van wat er is veranderd door m.e.r.: “Je hebt niet meer snelwegen die dwars door een natuurreservaat worden aangelegd. Nu wordt er kritisch gevraagd: wil je hem dáár doorheen leggen, waarom dan niet 10 kilometer verder? Dat is iets duurder, maar zo bescherm je een heel ecologisch netwerk.”
En dan Tata Steel. Marco geeft aan dat een project van die omvang vandaag de dag op die plek, of elders in Nederland, niet zou kunnen. “Je moet nu kunnen aantonen dat de impact van een project niet schadelijker is dan de huidige situatie.” Dat Tata Steel er staat is vooral omdat zulke procedures toen nog niet bestonden.
De Commissie voor de m.e.r.
In Nederland toetst de Commissie voor de m.e.r. de kwaliteit van Milieueffectrapporten en adviseert deze het bevoegd gezag. De commissie is onafhankelijk, kritisch en heeft inhoudelijke expertise.
“Dat is niet vanzelfsprekend, want veel landen kennen zo’n instantie niet. In landen zonder zo’n controleorgaan ligt de druk volledig bij de overheid zelf”, legt Marco uit. “De doorlooptijd is dan hoger of de effectiviteit lager. Nederland heeft dit beter geregeld. Gezien de beperkte ruimte kunnen we ons immers niet permitteren om zomaar alles toe te laten.”
Het advies van de Commissie is juridisch weliswaar niet bindend, maar wordt vrijwel altijd opgevolgd. Negeer je het, dan kunnen de gevolgen groot zijn. Marco noemt de stikstofcrisis rond het Programma Aanpak Stikstof als het bekendste voorbeeld. “De Commissie gaf aan: dit klopt niet. De overheid zei: we doen het toch. Mede daardoor is de stikstofcrisis vervolgens verergerd.”
Relevant voor groenblauwe opgaven
Voor waterschappen, gemeenten en provincies is de m.e.r. geen bijzaak (mits van toepassing). Een MER is niet altijd verplicht; dat hangt af van het type project en de omvang ervan. Wanneer dat precies het geval is, bespreken we in een volgend artikel.
Wát wel vaststaat: zodra een MER aan de orde is, zijn water, bodem, natuur en biodiversiteit verplichte onderdelen. Wie vroegtijdig inzicht heeft in die milieugevolgen, voorkomt vertraging, vergroot draagvlak en maakt samenwerking met stakeholders effectiever.
M.e.r. werkt voor iedereen
Marco’s boodschap is dan ook helder: “Het opstellen van een MER vergt tijd, maar dat betaalt zich dubbel en dwars uit. Door dit tijdig op te pakken bespaar je bij je project zowel tijd als geld. Daarnaast brengt het heel veel goede dingen met zich mee en werkt beschermend voor iedereen. De wereld wordt een betere plek als iedereen de m.e.r.-richtlijnen serieus neemt.”
Voor meer informatie
Wil je weten hoe wij jouw organisatie verder kunnen ondersteunen?