Zo weet je of jouw project m.e.r.-plichtig is

Je zit midden in de voorbereiding van een nieuw project. De scope is helder, de partners zijn aan boord. En dan komt de vraag op tafel of er ook een m.e.r.-procedure nodig is. De één denkt van wel, de ander van niet, maar niemand weet het zeker. Marco Hansma, omgevingsmanager bij Delteau, herkent het direct. “De m.e.r. is specialistisch werk, dus het wordt heel vaak uitbesteed. Veel mensen denken: dit speelt een keer en er is een partij die het voor ons oplost. Maar het is ook handig om zelf te weten wanneer een project wel of niet m.e.r.-plichtig is.” In dit artikel geeft hij handvatten die je helpen om daarachter te komen.

Marco Hansma Delteau

Wie te laat wakker wordt, betaalt de prijs. Denk aan ecologisch onderzoek: je hebt een paar vaste momenten per jaar voor vleermuisrondes of broedrondes. Heb je die niet op je radar staan, dan kan je project ineens flinke vertraging oplopen.

Het antwoord staat op één plek

Marco vertelt dat je in bijlage V van het Omgevingsbesluit per project kunt opzoeken vanaf welke omvang de m.e.r.-plicht geldt. “Kleinschalige projecten vallen erbuiten. Zo is de oprichting van een rioolwaterzuivering vanaf 150.000 inwonersequivalenten altijd m.e.r.-plichtig. Bij de oprichting van één van 20.000 of de aanpassing van een bestaande rioolwaterzuivering ben je alsnog m.e.r.-beoordelingsplichtig. Dit houdt in dat bevoegd gezag alsnog kan beslissen dat het project m.e.r.-plichtig is. Bij het aanleggen van nieuwe woonwijken of andere grote infrastructuurwijzigingen kom je hem zeker tegen.

De bijlage is opgebouwd uit vier kolommen:

  • Kolom 1: Het type activiteit of project;
  • Kolom 2: De drempelwaarden voor een direct m.e.r.-plicht (volledig MER verplicht);
  • Kolom 3: De drempelwaarden voor een m.e.r.-beoordelingsplicht (aanmeldnotitie, besluit door bevoegd gezag);
  • Kolom 4: Het besluitmoment waarop het MER-traject moet zijn afgerond.

Staat je project niet in bijlage V, maar lijkt het op een project uit kolom 3 of zijn er twijfels over de milieugevolgen? Dan geldt alsnog een m.e.r.-beoordelingsplicht. Middels een aanmeldnotitie kan het bevoegd gezag dan bepalen of het project m.e.r.-plichtig is.

Voor plan-m.e.r. gelden geen drempelwaarden, maar een inhoudelijke afweging: is het plan kaderstellend voor toekomstige projecten of heeft het zelf mogelijk milieugevolgen? Dan geldt een plan-m.e.r.-plicht.

Eén belangrijk aandachtspunt: activiteiten mogen niet kunstmatig worden opgesplitst om onder de drempelwaarden te blijven. De m.e.r.-plicht geldt voor de gehele activiteit.

Wie is het bevoegd gezag?

Het bevoegd gezag, de instantie die beoordeelt of een MER nodig is en uiteindelijk het besluit neemt, kan de gemeente, provincie, het waterschap of het Rijk zijn, afhankelijk van het type project. Bij twijfel is vroegtijdig afstemmen altijd verstandig.

De grootste misvatting: het vertraagt je project

Het opstellen van een MER vergt aan het begin het nodige uitzoekwerk, beaamt Marco: “Je moet weten welke onderzoeken op welke momenten moeten worden uitgezet, welke drempelwaarden van toepassing zijn en hoe de procedure aansluit op de andere vergunningen rondom je project. Dat schrikt op het eerste gezicht af. Het gevolg: men ziet er tegenop, wil er zo snel mogelijk doorheen en investeert niet de tijd die de procedure verdient.

En juist dáár gaat het mis. Want wie vooraf de moeite neemt om de procedure goed te doorgronden, plukt er later de vruchten van. Het merendeel van de projecten waarvoor de Commissie van de m.e.r. advies geeft, krijgen niet in één keer positief advies. Regelmatig moet het rapport zelfs meermaals worden aangepast omdat het niet volledig is. Niet altijd door kwade opzet, maar door tunnelvisie. “Je bent mentaal al zo ver met één variant dat de alternatieven erbij inschieten. Dan krijg je te horen: je hebt de effecten van de alternatieven niet goed genoeg in kaart gebracht.”

Wie die ‘beginnersfout’ vermijdt, wint op de lange termijn juist tijd. De initiële investering in goed voorbereiden betaalt zich dubbel en dwars terug in een soepelere procedure, minder terugkoppelmomenten en een project dat staat als een huis.

Het goede nieuws, vervolgt Marco: “Je begint zelden vanaf nul. MER overlapt sterk met andere ruimtelijke documenten en vergunningen die rondom een project toch al worden opgesteld. Ecologische rapporten, stikstofdepositieberekeningen, geluidsonderzoeken, enzovoorts, veel van die informatie is direct herbruikbaar als input voor een MER.”

Vastgelopen? Zo kom je er weer uit

Zelfs wie de procedure serieus neemt, kan vastlopen. Tunnelvisie is een veelvoorkomend probleem. Je bent zo ver met je voorkeursvariant dat alternatieven erbij inschieten. En juist dát is wat de Commissie voor de m.e.r. eruit pikt.

Als een projectteam vastloopt, zorgen we bij Delteau dat het weer loskomt. Marco deelt tot slot hoe hij dat aanpakt: “Iemand presenteert de casus, de rest stelt vragen en geeft advies. Die frisse blik van buiten geeft vaak precies het duwtje dat nodig is om verder te kunnen.” Geen grote ingreep, maar een gericht gesprek kan het verschil maken tussen opnieuw beginnen en doorpakken.

Voor meer informatie

Wil je weten hoe wij jouw organisatie verder kunnen ondersteunen?

Wil je weten hoe wij jouw organisatie hierin kunnen ondersteunen?

Delteau begeleidt ruimtelijke procedures van begin tot eind. Als het m.e.r.-traject daar onderdeel van is, zorgen we dat dat ook tijdig wordt opgelost. Wil je sparren over jouw project?